4.
HET ONDERWIJS
4.1 Onderbouw:'Leer'activiteiten in groep 1/2
Taal
In de kleutergroepen begint elke dag met een kringgesprek. De kinderen leren met
zo’n gesprek naar elkaar te luisteren, goede zinnen te vormen en hun gedachten
onder woorden te brengen. Op deze manier wordt hun woordenschat uitgebreid.
Kleuters leren al doende, tijdens hun spel. Zij kunnen meer eigen keuzes maken
en ervaringen opdoen in uitdagende hoeken: de zand-waterhoek, de timmerhoek, de
huishoek en de veranderhoek waar met thema's wordt gewerkt, zoals Sinterklaas,
winkeltje, restaurant, etc.
Het planbord neemt in de kleutergroepen een belangrijke plaats in. Hiermee
organiseert de leerkracht het werk en de kinderen leren door de geboden
structuur zelfstandig een keus te maken en goede afspraken te maken. Door
nauwkeurig waar te nemen, ondersteunen en begeleiden de leerkrachten het kind in
zijn spel en ontwikkelingsproces.
Naast het kringgesprek worden er veel gevarieerde situaties gecreëerd waarin de
taalontwikkeling centraal staat o.a. met thema’s uit de methode Schatkist en
Taalverhaal. De spreektaal staat centraal, maar er wordt ook aandacht besteed
aan taalkennis en ontwikkeling van het leesbegrip (voorbereiding op het lezen).
Elke kleutergroep heeft naast de veranderhoeken een vaste hoek met twee
computers en diverse materialen om een begin te maken met lezen en schrijven.
Het volgen van de ontwikkeling van de kinderen neemt een belangrijke plaats in.
Rekenactiviteiten
De voorbereiding op het rekenen vindt ook plaats in de kring; vaak wordt er met
een klein groepje kinderen verder gewerkt aan een werktafel. De onderwerpen die
aan bod komen, staan voor een jaar vast en sluiten aan bij de thema's. De
kleuters werken met het Ideeënboek en Schatkist.
Werken met ontwikkelingsmateriaal
Op school zijn veel materialen op allerlei gebied die ontwikkeling stimuleren:
de zintuiglijke ontwikkeling, te verdelen in visuele-, auditieve-, motorische-
,taal- en rekenvaardigheden en denkontwikkeling.
Wij gebruiken hiervoor de
methode “Schatkist”, Varia, begrippendiagram, etc.
Creativiteit
De creativiteit van de kleuter wordt gestimuleerd en ontwikkeld door met
verschillend materiaal (b.v. klei,hout,karton enz.)te werken en de behendigheid
door te knippen – plakken – verven – vouwen – kleien – knutselen – borduren etc.
Muziek
In de onderbouw wordt veel gezongen en aan muziek gedaan. De liedjes worden vaak
afgestemd op het seizoen of op gebeurtenissen die op handen zijn. Ook zingen de
kleuters geďmproviseerde liedjes, en begeleiden ze die zelf met
muziekinstrumenten.
Bewegingsactiviteiten
Bewegen doen we binnen en buiten. Op het kleuterplein is een zandbak, er zijn
karren, loopklossen, touwen, autobanden, fietsen, scheppen, en een klimrek en
een glijbaan. Bij slecht weer wordt binnen gymnastiek gegeven in het
kleutergymlokaal, met toestellen , klimrek, grote ballen, hoepels etc.
Er worden ook kringspelletjes gedaan. Op deze manier wordt er aandacht besteed
aan de grove motoriek. De fijne motoriek wordt bevorderd door allerlei
behendigheidsspelletjes en creativiteitsontwikkeling, en met de schrijfmethode
'Schrijfdans'. Groep 2 maakt ook gebruik van de schrijfmethode 'Pennenstreken'
om schrijfpatronen te oefenen.
Het lesprogramma verloopt volgens het lesrooster, zodat alle onderdelen aan bod
komen. Er blijft ook genoeg ruimte over om in te spelen op dingen waarmee de
klas bezig is of waar de kinderen mee aankomen. Ook zal u het 'puntje van de
week' tegenkomen, waarbij de kinderen iedere week aan de hand van alledaagse
gevoelens en gedrag sociale vaardigheden opdoen.
Al deze ontwikkelingen worden bijgehouden op observatielijsten. Hiermee brengt
de leerkracht de vorderingen van uw kind precies in kaart, zodat het kind
gericht benaderd kan worden.
In de groepen 1 en 2 werken we ook thematisch, dat wil zeggen dat gedurende één
of twee weken één onderwerp centraal staat. De afspraken en gewoonten voor de
kleutergroepen vindt u in
H 8.7.
4.2 Onderbouw: groep 3/4
Basisvaardigheden
In groep 3 neemt het leren lezen een belangrijke plaats in. Wij maken gebruik
van taal/leesmethode “Veilig Leren Lezen” (nieuwste versie). De stof die wordt
aangeboden is zo op elkaar afgestemd, dat zowel de mondelinge als de
schriftelijke taalontwikkeling systematisch wordt gestimuleerd.
Bij mondelinge taalontwikkeling ligt de nadruk op de uitbouw van communicatieve
vaardigheden, de bevordering van boekoriëntatie en verhaalbegrip en de
vergroting van de woordenschat. Bij schriftelijke taalontwikkeling staat het
leren lezen en spellen van eenvoudige woordstructuren centraal.
“Veilig Leren Lezen” sluit aan op de 'tussendoelen beginnende geletterdheid':
herkennen van letters en klanken en vormt een doorgaande lijn met de methode
“Schatkist” die in de kleutergroepen wordt gebruikt.
Alle aspecten van de beginnende geletterdheid komen vanaf het begin geďntegreerd
aan bod. De kinderen die al kunnen lezen worden in de ‘zongroep’ geplaatst, de
rest van de kinderen zitten in de ‘maangroep’. Kinderen die een begeleide
instructie nodig hebben volgen de steraanpak. Elke groep heeft zijn specifieke
aanpak en materialen. “Veilig Leren Lezen” bestaat uit twaalf thematische
kernen, die zijn opgebouwd uit de fasen introductie, instructie, zelfstandige
verwerking, vervolgopdrachten en reflectie. Er wordt gewerkt met dagprogramma’s.
Alle twaalf kernen bevatten een ankerverhaal, waarmee het thema geďntroduceerd
wordt. Aan de taal- en thema-activiteiten rondom dit verhaal nemen alle kinderen
deel. De ‘zongroep’ gaat beginnen met andere activiteiten dan de “maangroep”.
Tijdens de reflectie krijgen alle leerlingen de kans hun gemaakte producten aan
de rest van de groep te laten zien of voor te lezen.
Vanaf groep 4 wordt de taalmethode “Taalverhaal” structureel gebruikt. Veel
aandacht wordt in deze groep aan het rekenonderwijs besteed. (Zie
methodebeschrijving “Rekenrijk” ).
4.3. De bovenbouw: groep 5 t/m 8
Het tempo gaat in de bovenbouw omhoog. De leerstof krijgt meer diepgang. In
groep 7/8 wordt het verschil in mogelijkheden tussen de kinderen veel groter. De
hoeveelheid leerstof breidt zich uit en wordt vooral herhalend aangeboden. Ook
in de bovenbouw is een minimum leerstofpakket vereist. Wordt die basisstof
beheerst, dan volgt de extra stof. Dit “basisstof – extra stof” model kennen we
in alle groepen.
Het is onmogelijk om in de schoolgids alle vakken van alle groepen uitgebreid te
behandelen. Meer informatie over de vakken krijgt u tijdens de jaarlijkse
informatieavond van de leerkrachten in de groep van uw kind. Bij de kerndoelen,
opgesteld door het ministerie van OC&W, wordt beschreven, wat de leerlingen
moeten leren.
4.4 Gebruikte methodes
Voortgezet technisch lezen
In groep 4 t/m 6 wordt voor het ‘voortgezet technisch lezen’ de methode “Goed
Gelezen” gebruikt. Deze methode sluit aan bij het aanvankelijk leesonderwijs.
Het technisch lezen ondersteunt de instructie van de les begrijpend lezen.
Begrijpend / studerend lezen
Bij 'begrijpend lezen' moeten de leerlingen de betekenis of bedoeling van een
tekst achterhalen (naar vorm en inhoud). Hierbij zijn wereldoriënterende kennis,
kennis van taal en van soorten teksten, eigen ervaringen en creatief denken van
zowel de kinderen als de leerkracht erg belangrijk. Het begrijpend lezen is
sterk verbonden met het trekken van conclusies en evaluerend denken. In groep 4
t/m 8 maken we gebruik van de nieuwste versie van de methode voor begrijpend
lezen “Goed gelezen”, die de kerndoelen van taal/lezen garandeert.
Tijdens het zelf lezen in de klas wordt soms klassieke muziek gedraaid, dit
bevordert de rust en concentratie van de kinderen.
Rekenen / wiskunde
Bij het reken-/wiskundeonderwijs leren we de vaardigheden die nodig zijn om met
hoeveelheden te kunnen omgaan in het dagelijkse leven.
Met de ontwikkelingsmaterialen en de methode 'Rekenrijk' sluiten wij hierop aan.
Dit is een reken- en wiskundemethode, waarbij de stof
op een aansprekende manier wordt aangeboden. De methode wil zoveel mogelijk de
verschillen tussen leerlingen honoreren. Dit betekent dat er voor de zwakkeren
een verlengde instructie en voor sterkeren een grote hoeveelheid verrijkingsstof
is ingebouwd.
De kinderen worden uitgedaagd om zelfstandig en actief hun onderwijsleerproces
in te vullen.
De leerkracht begeleidt dit proces zorgvuldig. Met deze methode proberen we de
kinderen veel meer zelf oplossingen te laten vinden, want wiskundeonderwijs
zonder interactie en communicatie verliest een groot deel van zijn waarde. Door
samen te overleggen over de aanpak van een opgave, door oplossingsstrategieën
te verwoorden en te vergelijken leren de kinderen van elkaar, aan elkaar en met
elkaar.
De leerkracht treedt sturend op, geeft aanwijzingen en zet kinderen op
een bepaald spoor.
De kinderen leren hierdoor ook dat er meerdere oplossingsmethoden kunnen zijn
voor één en dezelfde opgave. De extra materialen behorende bij de methode worden
indien nodig gebruikt.
Nederlandse taal
Ons onderwijs is er op gericht om foutloos te leren schrijven, het spellen is
een belangrijke vaardigheid.
Tegelijkertijd gaat de aandacht ook uit naar het stellen: leren spreken,
presenteren, luisteren naar wat anderen precies te zeggen hebben en daarop goed
te antwoorden. Wij leren de kinderen ook hun mening onder woorden te brengen.
Op onze school gebruiken we voor alle groepen de taalmethode “Taalverhaal ”.
Afhankelijk van de behoefte van de kinderen gebruiken we veel hulpmaterialen. We
bevorderen het gebruik van de bibliotheek, een aantal groepen gaat er op bezoek.
Engels
In de groepen 7 en 8 krijgen de leerlingen Engelse les. De lessen zijn erop
gericht een eenvoudig gesprek te voeren en zich in het dagelijks leven bij een
aantal zaken te kunnen redden,zoals: boodschappen doen, de weg vragen, en
dergelijke. Wij gebruiken de methode “Take it easy ” in
groep 7 en 8. De kinderen kunnen zich via school abonneren op het tijdschrift
“Hello You”.
Schrijven
De fijne motoriek die in de kleuterklassen wordt ontwikkeld, is met name
belangrijk voor het schrijven. Wij hebben gekozen voor de methode
“Pennenstreken'“ vanaf groep 2. In de hogere groepen (vanaf groep 7) wordt er
meer de nadruk gelegd op de persoonlijke ontwikkeling van het handschrift. De
kinderen krijgen halverwege in groep 3 een vulpen van de school.
Wereldoriëntatie
“Bij de tijd”, methode geschiedenis
“Bij de tijd”, methode geschiedenis Voor geschiedenis gebruiken we in groep 5
t/m 8 de methode “Bij de tijd”. In deze methode staat de nieuwe tijdvakindeling
(tien tijdvakken) centraal. “Bij de tijd” is gebaseerd op moderne inzichten in
het geschiedenisonderwijs en schetst de geschiedenis als een doorlopend proces
van continuďteit en verandering:
sommige dingen blijven hetzelfde. Door het verleden te bestuderen, komen we veel
van het heden te weten.
En omgekeerd: door het heden waar te nemen zien we dat het verleden er nog
altijd toe doet “Bij de tijd”is gericht op het geleidelijk ontwikkelen van
tijdsbesef en historisch besef en de leerlingen krijgen inzicht in relaties
tussen heden en verleden.
“Land in zicht”, methode aardrijkskunde (nieuwste versie)
“Land in zicht” is de complete methode aardrijkskunde voor groep 5 tot en met 8.
Het vak aardrijkskunde houdt zich bezig met de ruimte om ons heen. “Land in
zicht” biedt een geleidelijke opbouw van ruimtelijke oriëntatie naar
kaartinterpretatie. De methode sluit in de onderbouw aan bij de leef- en
omgevingswereld van het kind.
Het aandachtsveld in de aardrijkskundelessen wordt steeds breder. Via de eigen
regio, Nederland en Europa komen in groep 8 tenslotte onderwerpen uit de gehele
wereld aan de orde.
“Natuurlijk”, methode natuuronderwijs
“Natuurlijk“ is een voor kinderen herkenbare natuurmethode. Kenmerkend is dat de
levende natuur (biologie) en de niet-levende natuur (techniek) zoveel mogelijk
in samenhang worden behandeld. We gebruiken de methode van groep 5 t/m 8. In
elke jaargroep keren dezelfde thema’s terug, steeds met een nieuwe invulling.
De thema’s zijn uitgewerkt in blokken. Elk blok bestaat uit vier lessen.
De thema’s zijn:
1 Voortplanting en ontwikkeling
2 Diversiteit en mobiliteit
3 Energie en kracht
4 Licht, geluid en warmte
5 Waarneming, uitscheiding, transport, afweer en erfelijkheid
6 Vaste stoffen, vloeistoffen en gassen
7 Voeding
8 Voeding en voortplanting
Deze termen worden niet gehanteerd in het leerlingenmateriaal.
4.5 Andere vakken en vaardigheden
Sociale vaardigheden
Dit onderwijs is erop gericht de leerlingen in staat te stellen op basis van
kennis, inzicht, houding en vaardigheden een eigen weg te vinden in de
samenleving. Hierbij wordt veel aandacht besteed aan normen en waarden.
Verkeer
Wij gebruiken op school in groep 5 tot en met 7 de verkeerskranten van VVN. Door
het aanleren van kennis en technische vaardigheden en het ontwikkelen van een
sociaal gedrag, moet het kind tot een veilige verkeersbeleving komen. De
verkeerskranten gaan van situaties uit, die aansluiten bij de belevingswereld
van het kind. Groep 7 doet mee aan het landelijk verkeersexamen,zowel
schriftelijk als praktisch.
Goed burgerschap
Op 'De Fontein' ontwikkelen wij ook de vaardigheden, die de betrokkenheid bij de
samenleving en sociale integratie bevorderen.
Het onderwijsaanbod is erop gericht dat leerlingen kennis hebben van en
kennismaken met verschillende achtergronden en culturen, vooral die behoren tot
de school en/of de directe woonomgeving. Dit gebeurt planmatig aan de hand van
specifieke onderwerpen uit de diverse methoden. Vanaf groep 6 wordt het
maandblad SamSam gebruikt. Ook besteden wij aandacht aan goed burgerschap naar
aanleiding van actuele gebeurtenissen.
IKOS
De leerlingen van groep 6 en 7 kunnen wekelijks deelnemen aan een les
godsdienstonderwijs. Voor deze lessen – verzorgd door IKOS – kunnen de
leerlingen en hun ouders / verzorgers jaarlijks via een aanvraagformulier te
kennen geven hier gebruik van te willen maken.
Expressie
Op het gebied van tekenen en handvaardigheid hebben we diverse methodes met
diverse technieken en materialen. Muzikale vorming draagt bij aan de emotionele,
creatieve, zintuiglijke ontwikkeling van het kind. Het is erop gericht, dat
kinderen plezier houden in zingen, luisteren naar muziek, bewegen op muziek,
enz.
Bewegingsonderwijs
Kinderen bewegen graag. Met de gymles willen we de motorische en zintuiglijke
vaardigheden vergroten. Onze leerkrachten geven zelf gymles in groep 1 t/m 5.
De groepen 6 t/m 8 krijgen gymnastiekles van een onderwijsassistent CIOS. De
leerkracht van de groep blijft verantwoordelijk.
Schoolzwemmen
In groep 4 krijgen de leerlingen zwemles in het overdekte instructiebad “De
Lansingh” aan de Van Ostadelaan.
Het vervoer wordt per bus verzorgd. Het bad is tijdens deze lessen voor andere
bezoekers gesloten. De kinderen kunnen het diploma A, B of C halen. Uw kind
krijgt als het zo ver is een formulier van het zwembad mee. De ouders moeten hun
kinderen dan zelf opgeven voor het diplomazwemmen en op de dag van het afzwemmen
zelf voor vervoer zorgen.
Een paar maal per jaar is De Fontein “school van de week” in zwembad “De
Lansingh”.
Alle leerlingen kunnen dan tegen gereduceerd tarief gebruik maken van het
zwembad.
Het schoolzwemwerkplan is op school ter inzage aanwezig.
Huiswerkbeleid
Vanaf groep 4 is het regel dat de kinderen iets thuis moeten afmaken of leren.
Zo leren de kinderen langzaam wennen aan het huiswerk op het voortgezet
onderwijs. Ook kan huiswerk oefenstof zijn, waar op school de tijd voor
ontbreekt.
Daarnaast gebeurt het wel eens dat een kind om een of andere reden thuis
schoolwerk moet afmaken. Dat kan ook in de lagere groepen voorkomen. U moet dat
niet als huiswerk in de strikte zin van het woord zien, maar louter als
individueel werk dat thuis moet worden afgemaakt.
Vanaf groep 6 krijgen de leerlingen regelmatig werkboekjes van wereldoriëntatie
mee naar huis om te leren.
De werkboekjes worden bij de nabespreking zelfstandig door de leerlingen
nagekeken. We kiezen er bewust voor om geen correctie door de leerkracht te doen
ter voorbereiding op het voortgezet onderwijs, immers daar moeten zij alles
zelfstandig corrigeren. Onze ervaring is dat het de kinderen dwingt om goed op
te letten.
Mocht u toch vinden dat het werkboekje te onleesbaar is om een overhoring goed
te leren, neem dat contact op met de leerkracht. Dit beleid is niet van
toepassing op zorgleerlingen.
Indien u hierover iets niet duidelijk is, of u zit met een probleem, neem dan
vooral contact op met de betreffende leerkracht, wacht daar niet mee tot er een
contactavond is. Kom direct naar school als u iets wilt weten en maak een
afspraak met de leerkracht van uw kind. Veel kan u dan ineens duidelijk worden.
Soms gebeurt het dat dezelfde leerling regelmatig zijn/haar huiswerk vergeet of
niet maakt. Bij deze leerlingen laten we - in het belang van het kind - de
ouders tekenen, zodat u als ouder enige controle heeft.
Kleine pauze
Iedere morgen is er
een kleine pauze waarin de kinderen iets kunnen eten en drinken. De ouders wordt
verzocht fruit, rauwkost of iets anders gezonds mee te geven (geen snoep!)
De kinderen kunnen tijdens de kleine pauze en tijdens de tussenschoolse opvang
gebruik maken van de schoolmelkvoorziening Campina.
Aanmelden kan via www.campinaopschool.nl of met een formulier, verkrijgbaar bij
de schooladministratie.
U krijgt een acceptgiro thuis.
4.6 Speciale voorzieningen in het schoolgebouw
Aula
'De Fontein' heeft een aula, geschikt voor het ontvangen van ± 250 personen. In
de aula vinden alle gemeenschappelijke activiteiten en vieringen plaats en geven
de leerlingen voorstellingen. Ook het documentatiecentrum zit in de aula.
Speellokaal
Het speellokaal is tegenover de kleuterlokalen. Hier wordt het
bewegingsonderwijs aan de kleuters en peuters gegeven. Het lokaal wordt ook nog
voor andere doeleinden gebruikt b.v. voor de gezamenlijke activiteiten van de
kleuters, de naschoolse opvang, naschoolse activiteiten en
zwangerschapsgymnastiek.
Documentatie- en informatiecentrum
Het documentatie- en informatiecentrum is in de aula. De groepen 5 t/m 8 maken
er eenmaal in de week gebruik van. Voor de groepen 1 t/m 4 worden er
bronnenboeken gehaald die bij een bepaald onderwerp horen. Naast de beschikbare
“papieren” informatie, maken wij in de hogere groepen gebruik van digitale
naslagwerken (encyclopedie Encarta en Internet).
Computerfaciliteiten / ICT
In alle groepen wordt er gebruik gemaakt van computers. De pc’s, met software
gericht op de groep, hebben een vaste plaats in een groep.
In de onder- en middenbouw worden de computers vooral gebruikt bij de methodes.
Vanaf groep 3 maken we gebruik van een Smartbord, een digitaal schoolbord, ter
ondersteuning bij het onderwijs.
Wij beschikken over 16 notebooks voor de leerlingen,met software voor meerdere
groepen, die flexibel kunnen worden ingezet. De kleuters maken gebruik van een
Eduscreen.
Vanaf groep 5 krijgen de leerlingen, als onderdeel van informatieverwerking,
les in tekstverwerken (Word), presentaties maken (Powerpoint) en verantwoord
gebruik van Internet en e-mail. Internet wordt onder begeleiding gebruikt om
meer gegevens of afbeeldingen bij bepaalde onderwerpen te zoeken.
Alle leerlingen krijgen eenmalig een hoofdtelefoon, die in een plastic zakje met
naamsticker wordt bewaard in de groep.
Wanneer de hoofdtelefoon defect raakt, dient u deze op eigen kosten te
vervangen. Dit is ook mogelijk via de school.
Orthotheek
De orthotheek bevindt zich in de personeelsruimte. Daarin staan vele aanvullende
materialen en methoden
ten behoeve van het remediëren. De orthotheek wordt gebruikt door de
groepsleerkrachten, remedial teacher
en de interne begeleider.
Bibliotheek
De bibliotheek bevindt zich o.a. in de aula. Wekelijks op dinsdag kiezen de
leerlingen van de onderbouw een boek om mee naar huis te nemen. Dit telkens voor
een week. Als u het niet eens bent met de keuze van het boek, neem dan contact
op met de groepsleerkracht van uw kind.
Alle kinderen krijgen in groep 1 een gele Boekenprettas. Dit om eventuele
beschadigingen aan de boeken te voorkomen. Als er door onoplettendheid
onherstelbare schade aan een boek ontstaat, zullen de schadekosten door de
ouders/verzorgers vergoed moeten worden.
Vanaf groep 5 worden de bibliotheekboeken in de klas gelezen. De leerlingen
maken daarna een leesverslag.
In een portfolio kunnen zij aangeven welke boeken er gelezen zijn.
Verdeling van tijd over de leer- en vormingsgebieden
| groepsnaam | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 |
8 |
| leeftijdsindicatie | 4/5 | 4/5 | 6/7 | 7/8 | 8/9 | 9/10 | 10/11 | 11/12 |
| zintuiglijke en lich.oefening | ||||||||
| zintuiglijke oef. | 5:15 | 5:15 | ||||||
| lichamelijke oef | 1:30 | 1:00 | 1:30 | 1:30 | 1:30 | 1:30 | ||
| zwemmen | 1:00 | |||||||
| Nederlandse taal | ||||||||
| Nederlandse taal | 5:00 | 5:00 | 5:00 | 5:00 | 5:30 | 5:30 | 6:00 | 6:00 |
| lezen | 4:15 | 4:30 | 4:00 | 4:00 | 2:45 | 2:45 | ||
| schrijven | 2:45 | 2:00 | 1:00 | 1:00 | ||||
| rekenen en wisk. | 1:30 | 1:30 | 5:30 | 6:00 | 5:15 | 5:30 | 5:00 | 5:00 |
| Engelse taal |
1:00 |
1:00 | ||||||
|
enkele kennisgebieden w.o. |
||||||||
| aardrijkskunde (w.o. maatsch. verhoudingen + geest.stromingen | 0:30 | 0:30 | 1:30 | 1:30 | ||||
| geschiedenis (w.o. staatsinricht.) | 1:15 | 1:15 | 1:00 | 0:45 | 1:00 | 1:00 | ||
| biologie (w.o. natuurkennis + bev. gezond gedrag) | 0:45 | 0:45 | 0:45 | 0:45 | ||||
| documentatiecentrum | 1:00 | 1:00 | 1:00 | 1:00 | ||||
| soc.redzaamheid en gedrag in verkeer | 0:45 | 0:30 | 1:00 | 0:30 | ||||
| expressievakken w.o. | ||||||||
| tekenen | 1:30 | 1:00 | 1:00 | 1:00 | 1:00 | 1:00 | ||
| muziek | 1:00 | 1:00 | 0:45 | 0:45 | 0:30 | 1:00 | ||
| handvaardigheid | 1:30 | 1:30 | 1:15 | 1:30 | 1:15 | 1:15 | ||
| werk. met ontw.mat. | 4:45 | 4:45 | ||||||
| expressie activiteiten | 9:00 | 9:00 | ||||||
| pauze | 1:15 | 1:15 | 1;15 | 1:15 | 1:15 | 1:15 | ||
| totaal per week | 25:30 | 25:30 | 25:30 | 25:30 | 25:30 | 25:30 | 25:30 | 25:30 |
| Godsdienst.vorming | 0:40 | 0:40 |
* de gymzalen voor onze school zijn op andere locaties. Dit
betekent dat er ± 10 minuten tijd van het bewegingsonderwijs gebruikt wordt voor
de heenreis.
Terug wordt er ± 10 minuten gebruikt van een ander vak en waar mogelijk de pauze.
* Voor de groepen 1 t/m 4 zijn er 7 roostervrije dagen per jaar.
De data voor het schooljaar 2011-2012 zijn:
vrijdag 16 september 2011, vrijdag 11 november 2011,
vrijdag 16 december 2011, vrijdag 27 januari 2012,
vrijdag 9 maart 2012, vrijdag 20 april 2012, vrijdag 15 juni 2012.
